De verzegelloodjes:

Laken - baken - armen – kerk - publicatie - graanloodjes etc etc.
Teveel om op te noemen. Je vind ze praktisch op iedere akker. Op één van de foto's is een baken loodje te zien met drie vuurtorens achterzijde een klimmende leeuw. Met deze bakenloodjes had je als schipper een vrije door tocht een soort entreebewijs bij de vele tolhuisjes en sluizen die we in een bepaalde tijd konden, namelijk om en om de gouden eeuw. Hieronder is een soort korte beschrijving te zien omtrent een bakenloodje. De andere loodjes op de foto zijn verzegelloden voor een belangrijke brief. Die zaten meestal aan een perkament die een ijlbode of ordonnans bracht naar de plaats van bestemming. Via de inscriptie kun je sommige verzegelloodjes nu nog determineren.

baailood

Een 17e eeuws baailood uit Nijmegen.

loodje

Groot- en klein vuurlood van de Suyderzeese vuurbakens.

Het onderscheid tussen het groot- en het klein vuurlood is niet altijd even duidelijk aan te geven. Een onderscheid kan worden gemaakt door de diameter van de touwcirkel / kralenlijst op de voorzijde te bepalen. Voor grote loodjes varieert deze maat tussen de 22 en 26 mm, voor de kleine tussen de 15 en 18 mm. De diameter van het grote lood zal rond de 34 mm zijn (tussen de 25 en 40 mm), het kleine loodje zal een diameter hebben tussen de 25 en 30 mm.

bakenlood

Type SA
Voorzijde: Drie vuurtorens, waarvan de buitenste met open vuur, in een geparelde binnencirkel.







 Terug